
Het coronavirus houdt de hele wereld nog steeds in zijn greep. Hoewel de maatregelen in Nederland nu soepeler zijn geworden, zullen sommige dingen voorlopig nog niet veranderen. Een maatregel die waarschijnlijk nog wel een tijd zal blijven is anderhalve meter afstand houden van elkaar. Ik vind die anderhalve meter eigenlijk nog veel te dichtbij. Dat heeft alleen niets te maken met de huidige situatie met het coronavirus, dat heb ik altijd al gehad. Ik weet inmiddels dat het meerdere redenen heeft. Van alle kenmerken die ik bezit omdat ik ADHD en autisme heb, is dit waarschijnlijk voor anderen en mijzelf een van de lastigste om mee om te gaan.
Als ik mensen nog niet of nog niet zo goed ken, dan moet ik altijd eerst heel erg wennen. Ik kan namelijk niet zo goed gelaatsuitdrukkingen, intonaties, emoties en non-verbale communicatie in het algemeen plaatsen als mensen zonder autisme. Ik heb bovendien ook meer tijd nodig om indrukken te verwerken, omdat ik meer prikkels van mijn omgeving binnen krijg. Naar mate ik anderen beter leer kennen, gaat dat beter. Uiteindelijk als ik mensen goed ken, haal ik de mensen zonder autisme in en kan ik die personen goed begrijpen. Het komt dus goed, maar het kan een hele tijd duren.
Ik heb echter eveneens last van een letterlijke afstandelijkheid. Ik heb er heel erg last van als mensen te dichtbij komen. Angst overvalt mij dan, ik krijg het benauwd en ik deins dan verschrikt achteruit. Dat levert wel eens misverstanden op, want het lijkt alsof ik een hekel aan mensen heb. Dat is absoluut niet zo en ik voel me altijd heel naar als dit gebeurt. Het is de afstand waar ik last van heb en waar ik mij heel ongemakkelijk bij voel.
Ik heb dit niet alleen bij mensen maar ook bij dieren, bijvoorbeeld een hond die ineens op mij af rent. Ook bij kleine ruimtes zoals liften, bij smalle straten en tunnels heb ik er last van. Ik voel mij dan alsof ik opgesloten zit en er niet uit kan. In een bioscoop wil ik daardoor ook liever niet in het midden van de zaal zitten, maar aan de buitenkant en het liefst achteraan. Het is een vorm van claustrofobie en ik wil altijd ruimte om mij heen hebben.
Jarenlang heb ik mij afgevraagd hoe dit komt. Inmiddels weet ik dat meer mensen met autisme hier last van hebben en ik helaas ook. Ook bij mensen met DCD komt het vaak voor. Iedereen heeft een persoonlijke ruimte en als anderen te dichtbij komen gaat iemand zich ongemakkelijk voelen. Bij mij is die ruimte veel groter dan bij andere mensen. Alles voelt voor mij daardoor heel dichtbij, mensen, dieren, muren en zelfs bomen in een dicht bos.
Op het moment wordt het niet vreemd gevonden dat ik anderen op een afstand wil houden, want iedereen houdt al anderhalve meter afstand van mij. Bijna iedereen, want ik begin helaas te merken dat sommige mensen zich er niet meer goed aan houden. Dat levert mij heel veel stress op als ik mij toch weer onder de mensen moet begeven, omdat ik dan de angst voor een besmettelijke ziekte er bij krijg.
Ik hoop dat de ellende met het coronavirus snel weer voorbij is. In de eerste plaats omdat er mensen ziek worden en zelfs overlijden. Maar ook omdat ik nu niet dichtbij de mensen kan komen die mij dierbaar zijn, want daar heb ik normaal gesproken geen moeite mee. Ik vrees alleen voor het moment dat de anderhalve meter afstand wordt afgeschaft en iedereen het weer raar vindt dat ik afstand wil houden. Maar met een beetje geluk zijn er mensen die dit artikel hebben gelezen en snappen ze het.
Mooi helder stuk weer!
LikeGeliked door 1 persoon
Dank je. Door alle maatregelen van afgelopen maanden, voelt het nu ook weer raar/ongemakkelijk als mensen weer wat minder aftand houden.
LikeGeliked door 1 persoon